VERLATEN HEMBRUGTERREIN DECOR VOOR ……..

VERLATEN HEMBRUGTERREIN DECOR VOOR ……..

Nadat Eurometaal in 2003 de poorten had gesloten werd het Hembrugterrein ontdekt door verschillende fotografen, lichtvangers, theaterproducenten, reclamemakers, filmmakers enz enz.  Onder toezicht van de bewaker toezichthouder werden er toen behalve vele fotoshoots, ook series, tvreclames,, theatherprodukties, commercials enz. opgenomen/ gemaakt etc.

Onder de videoclips bevonden zich o.a

MISS MONTREAL met haar videoclip Addicted To Crying,

in het door de Uncrowned King Florian Leghters gebouwde decor in gebouw 217.

 

Gebouw 269 (de Dood) vormde het decor voor:

THE MAD met Jump now.

 

Gebouw 217 (optiekgebouw) vormde het decor voor:

NICK EN SIMON met hun videoclip Vallende sterren.

 

En onder de reclamefilmpjes o.a de C1000 Stars of footballreclame:

VAN WOLFSWINKEL POWNED STEKELENBURG

 

 

Enige voorbeelden van serie’s en films:

1 Erik of het klein insectenboek, 2 Circus Waltz, 3 Staatsgevaarlijk, 4 Lotte

©PDKAIH2017

Advertenties

ARTILLERIE INRICHTINGEN MAAKTEN VLIEGTUIGPROPELLERS.

In de periode 1915 – 1930 maakte de Artillerie Inrichtingen in licentie houten vliegtuigpropellers. Zij waren o.a. bestemd voor de Farman lestoestellen van de op 1 juli 1913 opgerichte LVA. Dit was de Luchtvaartafdeeling van de Koninklijke Landmacht en voorloper van de latere Nederlandse Koninklijke Luchtmacht. De LVA die in het begin alleen vloog met een gehuurde tweedekker genaamd ‘’De Brik” en over 4 in het buitenland opgeleide piloten beschikte, begonnen in 1915 met het opleiden van vrijwilligers tot militair vliegers. Eerst alleen officieren en vanaf 1916 ook lagere rangen. Aan die vrijwilligers was geen gebrek want uit alle wapen en dienstvakken melden zij zich aan om te worden opgeleid tot vlieger of waarnemer.

De Brik in Soesterberg 1913

Waar wel een grote behoefte aan was waren gevechtsvliegtuigen. De omliggende landen hadden er genoeg maar omdat de eerste wereldoorlog in volle hevigheid woedde was de toevoer van oorlogsbenodigdheden afgesneden. Maar diezelfde oorlog kwam de LVA onverwachts te hulp want de vliegtuigen van de om ons heen oorlogvoerende landen hadden nog al eens te kampen met gevechtsschade, motorstoringen, brandstofgebrek, navigatieproblemen enz. En werden daardoor gedwongen te landen op Nederlands grondgebied. De noodlandingen vonden in geheel Nederland plaats maar in Cadzand landen er wel heel vaak toestellen en die plek kreeg dan ook al snel de naam vliegtuigfabriek van Nederland.

De gelande en gecrashte toestellen werden onmiddellijk in beslag genomen, de bemanning geïnterneerd  en de toestellen gedemonteerd en overgebracht naar Soesterberg de thuisbasis van de LVA. Waar mogelijk werden deze toestellen opgeknapt en als ze te zwaar beschadigd waren werden ze ontdaan van alle nog bruikbare onderdelen. Een deel van de vliegtuigen werd gekocht en betaald en na afloop van de oorlog weer terug gegeven aan de betreffende landen. Dit was overigens niet alleen het geval met vliegtuigen maar ook schepen die in onze territoriale wateren terecht kwamen ondergingen hetzelfde lot. En zo groeide de hoeveelheid vliegtuigen van de LVA met een grote verscheidenheid aan vliegtuigen met ook nog eens verschillende motoren.

Het eerste Farman lestoestel van de LVA.

En ook voor deze toestellen en motoren maakte de Artillerie inrichtingen propellers, soms in de hoeveelheid van slechts één exemplaar. De propellers werden vervaardigd door verschillende lagen hardhout op elkaar te verlijmen en daar na in de gewenste vormen te zagen, schaven, raspen, vijlen en schuren. Was de gewenste vorm eenmaal bereikt dan werden zij voorzien van de bevestigingsgaten, gelakt / geschilderd en eventueel nog voorzien van een messing versteviging op de uiteinden van de bladen.

Het vervaardigen van een propeller bij de Hembrug.

Daarna werden de maten van de bevestiging, het jaartal van aanmaak, type van vliegtuig en motor en het Hembruglogo in de propeller gebrand. Deze laatste bewerking gebeurde in tegenstelling tot de andere bewerkingen niet altijd even zorgvuldig en daarom is het vandaag de dag niet altijd even duidelijk voor welk type motor/vliegtuig zij waren bestemd en ook het logo met jaartal was vaak onduidelijk.

Voorbeelden van het fabrieksstempel van de Hembrug

Hoeveel verschillende modellen en in welke hoeveelheden ze zijn gemaakt is helaas (nog) niet bekend. Heel grote aantallen zullen het niet geweest zijn want in 1914 bestond de Nederlandse luchtvloot uit 8 vliegtuigen en had de marine 1 Farman landtoestel. In de eerste drie oorlogsjaren kwamen er 17 in beslag genomen buitenlandse vliegtuigen bij en in de laatse twee jaar 48. Het waren 58% Duitse, 34% Engelse en 8% Franse toestellen. De Marine kreeg er in die periode 17 in beslag genomen watervliegtuigen bij waarvan 71% uit Duitse en 29% uit Engelse toestellen bestond. De totale vloot bestond na het aflopen van de 1e wereldoorlog dus uit 91 toestellen. Van de vijf onderstaande propellers is het inmiddels wel bekend voor welke soort motoren en vliegtuigen zij gemaakt zijn.

 

AEG C.IV – 160PK Benz

AEG C.IV

 

 

 

 

 

 

 

Tweebladige propeller met Stempel Hembrug 1918, MODEL AE, 160PK, BENZ SPOED 190, D266, messing beklede tips, lengte 2660 mm.

Bemanning: 2.
Lengte: 7,15 mtr.
Spanwijdte: 13,46 mtr.
Hoogte:3,35 mtr.
Vleugeloppervlak:39 m²
Leeg gewicht: 800 kg.
Max gewicht: 1120 kg.
Motor: 1 Mercedes D.III 6 cilinder, watergekoelde, inline pistonmotor van 160 PK.
Maximum snelheid: 158 km/u.
Bereik:450 km.
Klimsnelheid:2,78 mtr p/s.
Tijd tot 1000 mtr hoogte 6 minuten.
Plafond: 5000 m.
Vliegduur: 4 uur.
Bewapening: 1 voorwaarts vurende Spandau LMG 08/15 mitrailleur en 1 draaibaar opgestelde Parabellum MG14 mitrailleur, die werd bediend door de waarnemer.

bommenlast: maximaal 100 kg.

 

Farman HF.20 – 80HP Gnome

Farman HF.20 – 80HP Gnome

 

 

 

 

 

 

 

 

Twee bladige propeller, stempel Hembrug 1915, MODEL G, lengte 2500mm.

Bemanning: 2.
Lengte: 8,3 mtr.
Spanwijdte:14 mtr.
Hoogte:3,2 mtr.
Leeg gewicht: 360 kg.
Max. gewicht: 660 kg.
Motor: Gnome en Rhône stermotor 80 pk.
Maximum snelheid: 110 km/u.
Bereik:250 km.
Bewapening: 1 Lewis Mitrailleur.

 

Fokker D.VII – 160PK Mercedes

Fokker D.VII – 160 pk Mercedes

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tweebladige propeller, Stempel Hembrug 1918, MODEL AF,160PK, MERCEDES, D276, messing beklede tips lengte 2760mm.

 

 

 

 

 

 

Bemanning: 1.
Lengte:6,95 mtr.
Hoogte: 2,75 mtr.
Spanwijdte: 8,90 mtr.
Vleugeloppervlakte: 20,02 m².
Gewicht leeg: 698 kg.
Startgewicht: 850kg.
Gewicht max.: 878 kg.
Snelheid: 190 km/u.
Motor: prototype V.II Mercedes DIII, 160 PK.
Bewapening: 2 gesynchroniseerde 7,92 Spandau mitrailleurs.

 

Nieuport 11 – 80PK LeRhone

Nieuport 11 80 PK LeRhone met volledige bewapening.

 

 

 

 

 

 

 

 

Tweebladige propeller stempel Hembrug 1917, Model M, 80PK, NIEUPORT, bewerkte tips lengte 2450 mm.

 

 

 

 

 

 

Bemanning: 1.
Spanwijdte: 7,55 m.
Lengte: 5,80 m.
Hoogte: 2,45 m.
Leeggewicht: 350 kg.
Startgewicht: normaal 480 kg.
Maximumsnelheid: 157 km/u.
Motor: Le Rhône 9C, 80 pk.
Bewapening: 1 Lewis machinegeweer, en soms ook 8 kleine Le Prieur raketten (voor luchtdoelen op max 120mtr afstand (niet geschikt voor zeppelins)).

 

DFW CV – Aviatik, 224 PK Benz

DFW CV

 

 

 

 

 

 

 

 

Enkel propellerblad met naaf stempel Hembrug 1917, MODEL T, SPOED16,0 NAAF VII, 224 pk, messing vleugeltip lengte 1670 mm (in deze vorm).

 

 

 

 

 

 

Bemanning: 2.
Lengte: 7,85 mtr.
Vleugelwijdte: 13,27 mtr.
Hoogte: 3,25 mtr.
Leeggewicht: 970 kg.
Max gewicht: 1430kg.
Motor: Watergekoelde Benz Bz.IV 6 cilinder inline piston motor van 200pk of een 150pk C.III N.A.G.*
Max snelheid: 155 km/u
Max hoogte: 5 km.
Klimsnelheid: 1,27 m/s
Vliegduur: 3, 5 uur.
Bewapening: 1 x 7,92 MG08/15 Spandau propeller gesynchroniseerd machinegeweer en 1 door de waarnemer bediende, op een ring gemonteerde Parabellum MG14 machinegeweer.
Max bommenlast: 100kg.

*Dit vliegtuig was de beste gevechtsjager uit WW1 en er werden uitvoerige verbeterde prototypes vervaardigd. Deze proppeller is waarschijnlijk van zo’n prototype geweest dat nabij Waardenburg was neer gestort en was uitgerust met een watergekoelde Benz 6 cilinder inline piston motor van 225pk.

Bij Waardenburg neergestorte DWF CV Aviatik

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

©foto de Brik vliegbasis Soesterberg, de eerste Farman ANP, werkplaats Herman de Ruyter, vliegtuigen wikipedia. ©neergestort vliegtuig, stempels, propellers en verhaal PDKAIH2017. Met dank aan H.Luttmer voor tech. info.

ARTILLERIE INRICHTINGEN HEMBRUG VERVAARDIGDT SIGAREN.

ARTILLERIE INRICHTINGEN HEMBRUG VERVAARDIGDT SIGAREN.

In juli 1934 verscheen in verschillende kranten het volgende bericht:

De Hembrug vervaardigt ,,Wascana” sigaren.

Staatsmunitie-bedrijf verpakt munitie onder valsche naam.

Op de Artillerie Inrichtingen Hembrug, de staatsmunitiebedrijven waar recent 20 arbeiders zijn ontslagen omdat ze niet betrouwbaar zouden zijn in gevallen waarin dit nodig zou moeten zijn, gebeuren rare dingen. Daar is recentelijk munitie afgeleverd in kisten, waarop vermeldt stond ,,Wascana” sigaren. De directie van de Artillerie Inrichtingen Hembrug werkt op bevel van hogerhand dus mee aan het camoufleren van zendingen die oorlogsmateriaal bevatten. De verantwoordelijk minister Decker heeft indertijd al openlijk aan de Tweede Kamer moeten toegegeven dat het staatmunitiebedrijf levert aan het buitenland. Ook voor de vreemde manier van verpakken verontschuldigde hij zich en gaf toe dat dit een internationale gewoonte is.

Wascana sigaren

De transportarbeiders die de Wascana-sigaren moeten verladen, weten nu inmiddels wat voor vreemde sigaren dit zijn. ©PDKAIH2017

CONSTRUCTIEWERKPLAATSEN AI DELFT MAAKTEN VELDPERS MIELING.

CONSTRUCTIEWERKPLAATSEN AI DELFT MAAKTEN VELDPERS MIELING.

In juni 1891 stond in het ,,Het Militair Blad” een artikel over, de veldpers-Mieling”, er stond o.a. het volgende: Men behoeft niet veel ervaring bij de stafdienst te hebben, om te kunnen begrijpen hoe belangrijk het is om de uit te geven bevelen snel te kunnen vermenigvuldigen. Er hoeft dan niet alleen veel minder te worden geschreven, maar er wordt ook veel tijd bespaard. En hoewel we vaak zeggen tijd is geld, in een oorlog is tijd goud waard. Ondanks het feit dat er nu door middel van hectographie, snel afdrukken te verkrijgen zijn, is men er echter nooit zeker van dat er genoeg en goede afdrukken zijn. Het kost veel moeite en als het niet goed is ontstaat er een behoorlijk en ook kostbaar tijdverlies.

Toen de minister van oorlog in de Algemene Landsdrukkerij, een door de directeur (de heer Mieling), samengestelde en in werking zijnde snelproefpers zag, stelde hij hem voor om in overweging te nemen een inrichting te ontwerpen, waarmee men in het veld uitgegeven orders kon zetten en drukken. Ook ongeoefenden zouden het apparaat eenvoudig moeten kunnen bedienen.

Direkteur Algemene landsdrukkerij. C.W. Mieling

Toen de heer Mieling gevolg had gegeven aan de overweging en zijn plannen aan de minister liet zien, gaf deze de constructiewerkplaatsen te Delft opdracht de veldpers te vervaardigen. In het voorjaar van het afgelopen jaar is deze pers met succes gebruikt tijdens manoeuvres rond Enschede en enige andere plaatsen. Na diverse andere proefnemingen werden door de heer Mieling op verschillende plaatsen nieuw geconstrueerde onderdelen aangebracht. Omdat de veldpers bij manoeuvres vaak verplaatst moest worden ontstond het idee dat hij lichter moest worden.

De laatste door de constructiewerkplaatsen vervaardigde veldpers voldoet nu aan de eisen dat hij licht, eenvoudig verplaatsbaar, door niet deskundigen snel en eenvoudig bediend kan worden en ook snelle en goede reproducties van het geschrevene produceert. Als bewijs hiervan dient het feit dat vorig jaar 2 sergeanten die met het vak typographie totaal onbekend waren na 6 respectievelijk 8 dagen oefening, ieder ruim duizend letters per uur hebben gezet en daarvan goede afdrukken gemaakt. De nieuwe veldpers weegt nu 30 kg en is opgeborgen in een kist die ook als tafel gebruikt kan worden. De letterkasten zijn rondom voorzien van ijzeren beugels waaraan 2 handvatten zijn bevestigd. De beugels zijn met 4 schroeven aan het deksel bevestigd, op dat alles goed gesloten blijft.

Omdat men hier maar vooral in de koloniën niet altijd tijd of mensen heeft om te oefenen met de pers, kan hij met een kleine wijziging ook geschikt worden gemaakt om autograpische (handgeschreven) afdrukken te maken op steen of zink. Het maken van de plaat gebeurd dan automatisch en ook kleine tekeningen kunnen zo vermenigvuldigd worden. Door deze laatste verbetering heeft de heer Mieling de kroon op zijn werk gezet. Bij de fabricage van de volgende persen wordt ook deze verbetering aangebracht. Nu was daar geen tijd voor omdat de pers tijdens de aanstaande manoeuvres gebruikt moet worden. Bron Het Militair Blad juni 1891. ©PDKAIH2017

BAAS ARTILLERIE INRICHTINGEN KRIJGT BEKEURING.

BAAS ARTILLERIE INRICHTINGEN KRIJGT BEKEURING.

In de jaren 20 van de vorige eeuw was het een levensgevaarlijke gewoonte om van nog rijdende treinen die een perron of halte naderden de deuren voortijdig te openen en op het perron te springen. Ook werd er op vertrekkende treinen gesprongen Dit werd ook gedaan door personeel van de Artillerie Inrichtingen en het is dan ook niet verwonderlijk dat menige arbeider door zo’n onbezonnen actie zijn ledematen gekneusd of gebroken heeft, of er in het gunstigste geval er met schrammen, schaafwonden en blauwe plekken van af kwam. Ook kwamen velen er achter dat dit gedrag in artikel 25 van het Algemeen Reglement op Spoorwegvervoer strafbaar was gesteld. Als beloning voor hun gedrag kregen zij een boete van hfl. 10,- . Daar moest in die tijd menige uurtje voor gewerkt worden.

Trein nabij station Amsterdam

De directeur van de Artillerie Inrichtingen, de heer W.G. Houtwipper, die  als goede werkgever over  lijf, leden en gezondheid van zijn personeel waakt en het goede voorbeeld wilde geven, liet in alle werkplaatsen, kantoren en fabrieken een dienstorder op hangen. Daarin stond dat een ieder zich diende te houden aan artikel 25 en dat degene die dat niet deden konden rekenen op strenge straffen. De roekeloze medewerkers waren nu voor eens en altijd gewaarschuwd. Hoe lang het goed ging is onbekend, maar op zaterdagmiddag 26 januari 1929 gebeurde het volgende: De trein uit de Zaanstreek, met daarin enige honderden ambtenaren en ander personeel van de Artillerie Inrichtingen naderde het Centraal Station van Amsterdam en als of er geen artikel 25 en dienstorder bestonden werd  er een deur geopend en sprong er een meneer uit de trein en rende het perron op. Regelrecht in de armen van een ,, smeris” En meneer of niet, hij moest net als iedereen zijn naam, adres en abonnement afgeven aan de man der wet. De overige mensen die ondertussen uit de stilstaande trein waren gestapt proesten het uit van het lachen bij het aanschouwen van de overtreder. Zij hadden hem direct herkend, het was hun directeur de heer Houtwipper, die daar een bekeuring en preek kreeg. De dagen daarna deed het verhaal de ronde dat de heer Houtwipper slechts had willen aantonen wat er gebeurd als je je niet aan zijn dienstorder en artikel 25 houdt. Of  dat de waarheid was weet behalve de heer Houtwipper zelf niemand, wel is zeker dat hij een slechte dag had. ©PDKAIH2015.

GRONDRUIL TEN BEHOEVE VAN DE STOOMPONT.

GRONDRUIL TEN BEHOEVE VAN DE STOOMPONT

Wie vroeger van de Zaanse naar de Amsterdamse kant van het Noordzeekanaal of anders om wilde was aangewezen op één van de vele schepen van de schroef stoombootdienst, de salonschepen van onder andere de Alkmaar Packet  of de treinen van de Hollandsche IJzeren Spoorweg Maatschappij (HIJSM).

De water en rail vervoersbedrijven.

In 1888 kwam daar nog een derde mogelijk bij, die met name voor de voetgangers en fietsers en handkarren die in de IJpolders moesten zijn, voor een beterere verbinding zorg droeg. Op het einde van de Havenstraat, begin Hemkade werd een heuse trekpont verbinding ingesteld. In het begin was het veer enkel bestemd voor hoger geplaatste militairen en enkele andere specifiek beschreven personen. Dit om het scheepvaart verkeer niet teveel te hinderen, dat had al last genoeg van de spoorbrug. Maar na hevige protesten van verschillende zijde werden die regels al snel afgeschaft, Wat natuurlijk ook weer tot de nodige protesten van de bootdiensten leidde, die bang waren voor grote verliezen, Dit viel achteraf heel erg mee want de pont bracht de mensen dan wel naar de overkant maar dat was nog lang niet in het centrum van de hoofdstad.

De trekponten met op de achtergrond de pontwachterswoningen op de Zaanse oever / langsvarend schip van de Alkmaar Packet.

Klos waarmee de veerpont langs de kabel getrokken werd.

De pont zat verbonden aan een over het kanaal gespannen staalkabel die tijdens de vaart werd strak getrokken.Daarna kon met de pont door middel van houten klossen op de kabel te plaatsen de pont voorttrekken. Eenmaal ter plaatse aan één van beide oevers, liet men de kabel door middel van een lier weer op de bodem van het kanaal zakken zodat deze geen belemmering voor de scheepvaart vormde. De pontbaas werd tijdens deze handelingen vaak geholpen door de plaatselijke jeugd of één of meerdere passagiers. Toen het te druk werd is er een tweede trekpont in gebruik genomen.

 

Toen de Provinciale weg  in 1932 gereed was, werd het pontveer verbinding, die ongeveer 40 jaar op die op die plaats dienst had gedaan tussen den Amsterdamschen en Zaandamschen oever van het Noordzeekanaal en nu niet meer opgewassen was tegen de  hooge eisen van het drukke verkeer opgeheven. De kranten uit die tijd berichten dat er op 15 september nabij de Hembrug en aansluitend op de nieuwe weg een heuse stoomveerpont zou komen.

De eerste stoomveerpont in januari 1933 / Uitbreiding van de stoomveerpont verbinding

Hij kwam echter pas, bijna twee weken later, op maandagmiddag de 26e aan. Vanaf dinsdag 27 september 1932 vond er in het bijzijn van o.a. de heer ir. Voorst Vader, hoofdingenieur van den Rijkswaterstaat, de heer ir. Breuking, toegevoegd ingenieur bij de verbreeding van het Noordzeekanaal, de heer Kroon uit Velsen, chef van de Noordzeekanaalveren en de heer Zimmerman, chef van de kanaalverlichting een aantal proefvaarten plaats met het aan 25 automobielen plaats biedende stoompontveer. Nadat iedereen tevreden was met de resultaten, werd de stoompont op zaterdag 01 oktober in bedrijf gesteld.

De oude pontwachterswoningen / Het vulhuis dat er voor in de plaats kwam in 2017

Als gevolg van deze verplaatsing en de aanleg van de nieuwe weg, vond er een grondruil plaats tussen Rijkswaterstaat en de Artillerie Inrichtingen. Het stuk grond in de bocht aan het einde van de Havenstraat / Hemkade waar zich ook de pontwachterswoningen bevonden werd geruild tegen het stuk grond langs het kanaal.  De pontwachters kregen van RWS een andere woning aangeboden. Zo kreeg de AI een stuk grond aan de buitenzijde van het terrein ter beschikking waarop zij later een commandobunker voor de ondergrondse schuilplaatsen bouwde. Op de grond waar eerder de woningen stonden en ooit ook nog een groentetuin was geweest, kwam uiteindelijk een vulhuis voor de kleinkaliber munitie. Het stuk waar de bunker kwam is een poosje voor heel andere doeleinden gebruikt, maar daarover in een ander verhaal meer.

Aanleg van de Provinciale weg ter hoogte van de Havenstraat / Aanvoer van zand nabij de Hembrug.

Door de ruil werd het ook mogelijk om de weg langs het Noordzeekanaal open te stellen. Dat stuk kreeg de naam Hemkade. Een straatnaambordje ook in 2017 nog aanwezig geeft de oude grens met de Havenstraat aan. Daarvoor was de weg langs het kanaal fabrieksterrein en afgesloten voor onbevoegden. In WW2 is hij dat ook weer een poosje geweest. Het was een goede ruil voor het bedrijf, want omdat de weg  onderdeel werd en ook nu nog is van de waterstaatkundige werken van Rijkswaterstaat, werd in het contract opgenomen, dat de weg in eeuwig durend onderhoud bij RWS kwam. Na 2003 toen het bedrijf dat inmiddels Eurometaal was gaan heten de poorten sloot, tikte de gemeente de”nieuwe” eigenaar (Domeinen) op de vingers om de weg te onderhouden. De ENHABO had nadat zij toestemming had gekregen van Domeinen om met een klein busje over de autovrije weg te rijden, een klacht over het slechte onderhoud ingediend bij RWS. Deze had ze door verwezen naar de gemeente als zijnde openbaar grondgebied van Zaanstad. Nadat Domeinen waar ik als beheerder / toezichthouder werkzaam was dit aan mij vertelde. Wees ik ze op het oude contract waar ik ooit tijdens mijn speurtochten op het www iets over gelezen had. Na enige nieuw speurwerk kwam het originele contract weer op tafel en bleek nog steeds rechtsgeldig. De weg is na onderling overleg tussen de drie partijen hersteld. En het onderhoud van de weg werd overgedragen aan de gemeente. Die er onmiddellijk allerhande ge en verbodsborden plaatste en er een fietspad van maakte. Uitzondering werd er gemaakt voor het personeel van de onderhoudsdienst en de beveiliging van de Artillerie Inrichtingen (onderhoud gebouwen, hekwerken en surveillanceronden) en de kleine busjes van de ENHABO. De elektra voor de straatverlichting kwam vanaf het door Domeinen beheerde terrein en de eigenaar van het dijklichaam zelf bleef RWS.

De IJpolders met de trotylfabriek, het schietkatoenmagazijn, het munitiemagazijn en de torpedo inschietplaats.

Van de trekponten het latere stoomveer en nog later de Donau en huidige ponten werd ook druk gebruikt werd door de Artillerie Inrichtingen (en in latere jaren Eurometaal en het Militair Complex Hembrug) dit voor transporten van en naar de aan de overzijde van het kanaal gelegen trotylfabriek van het bedrijf,  de torpedo inschietplaats, het munitiemagazijn, het schietkatoenmagazijn en diverse andere plaatsen. Het bedrijf heeft tot aan de sluiting in 2003 voor zijn munitietransporten altijd voorrang gehad op de pontveren. Er werd de laatste jaren wel van te voren een afspraak gemaakt voor zo’n overtocht. De munitie begeleider mocht evenals andere passagiers niet mee tijdens zo’n solovaart en moest omrijden om het transport aan de andere zijde op te vangen. ©PDKAIH2017

Afkortingen: HIJSM – Hollandse IJzeren Spoorweg Maatschappij / RWS – Rijkswaterstaat . ENHABO – Eerste Noord Hollandse Auto Bus Onderneming

 

DE ARTILLERIE INRICHTINGEN VAN 1679 TOT 1925 deel 11 van 11.

DE ARTILLERIE INRICHTINGEN VAN 1679 TOT 1925 deel 10 van 11.

DELFT IS DE ARTILLERIE INRICHTINGEN NOG NIET GEHEEL KWIJT.

Zoals al gezegd, was Delft tijdens de mobilisatie de Artillerie Inrichtingen niet geheel kwijt. Er werd daar een rijwielafdeling opgericht en later een automobielafdeling. Het aantal werknemers was 600 a 700 man.

Rijwielwerkplaats Delft 1915

Tijdens de mobilisatie waren zeer veel rijwielen gevorderd. Deze waren echter van zeer verschillend model en niet berekend op militair gebruik. Men kwam daarom tot een legermodel.

Carosserie bouw in de Automobielenwerkplaats Delft 1915

De autodienst was in de mobilisatietijd geïmproviseerd met krachten uit de burgerindustrie en handel. De werkplaats te Delft was alleen ingericht voor herstellingen en assemblage van automobielen en motorrijwielen.

Drie schepen van de motordienst Hembrug

In de mobilisatietijd werd er tevens de beschikking gekregen over een 8 tal (mogelijk zelfs 10) motorboten voor de verzending van de goederen. Deze  motorschepen  kregen de naam Motordienst Hembrug en een eigen nr.

Na afloop van de oorlog ging al spoedig het gerucht dat de Constructie werkplaatsen naar de Hembrug zouden worden verplaatst. Dit gerucht werd al spoedig waarheid. Ondanks verwoede pogingen van het gemeentebestuur en anderen mocht het niet lukken de werkplaatsen voor Delft te behouden. In 1924 werden de machines en werktuigen geleidelijk over gebracht naar Hembrug. Delft was daarmee een voorname bestaansbron kwijt. In 1925 was de verhuizing voltooid. Een zeer klein gedeelte van het bedrijf en de automobiel en rijwielafdeling bleven in Delft achter. Hieraan kwam na het uitbreken van de 2e wereldoorlog een einde. De gebouwen te Delft werden door het Rijk verhuurd en gedeeltelijk als opslagplaatsen voor de Artillerie Inrichtingen bestemd. Later zijn daarin diverse industrieën gevestigd of zijn zij als bergruimten in gebruik genomen.

Nu, we schrijven 2014 is vrijwel alles door de modernisering verdwenen. Het gehele staatsbedrijf was  dus sinds die tijd bij de Hembrug geconcentreerd. Het is begrijpelijk dat deze concentratie enorm bijdraagt aan een zo efficiënt mogelijk beheer. Niet alleen oorlogsgoederen werden er vervaardigd, sinds 1919 voerden de Artillerie Inrichtingen de autodiensten uit voor de posterijen te Amsterdam en Rotterdam en voor de departementen van Defensie en Justitie.

Door de AI geassembleerde en gebruikte postauto met het AI embleem op het portier

Er wordt vaak verteld en geschreven dat dit was om de militairen bekend te maken met aardrijkskundige kennis van Nederland. Dit voor het geval er weer oorlog zou komen. In werkelijkheid was het om het automateriaal, dat bij de demobilisatie voor het leger niet meer nodig was, productief te maken. Maar de fabricage van wapens en munitie was toch hoofdzaak gebleven. Wij verlangden, ook nu nog, allemaal naar de wereldvrede maar zelfs nu hij is nog niet verzekerd. Zolang er nog geen internationale ontwapening is, blijft de nationale bewapening een noodzakelijk kwaad. En als er dan bewapening nodig is, moet zij goed zijn. Aan de Artillerie Inrichtingen heeft het zeker niet gelegen. Zij hebben getoond wat te kunnen presteren als onze neutraliteit gevaar dreigde te lopen. Dat ons leger in 1914 tot 1918 paraat was, danken wij voor een zeker niet gering deel aan haar. En daarvoor zijn wij, ook nu het bedrijf niet meer bestaat, nog zeer erkentelijk. ©PDKAIH2014

 

 

 

DE ARTILLERIE INRICHTINGEN VAN 1679 TOT 1925 deel 10 van 11.

DE ARTILLERIE INRICHTINGEN VAN 1679 TOT 1925 deel 10 van 11.

Artillerie Inrichtingen worden Staatsbedrijf en de 1e wereldoorlog breekt uit.

In 1913 werden de Artillerie Inrichtingen een Staatsbedrijf met een eigen begroting en kregen een burger directie. Ook de leiding van de bedrijven gingen in burgerdienst over. Dit was een grote vooruitgang omdat men zodoende personeel kreeg dat zich blijvend aan het bedrijf kon wijden. Kort nadat deze maatregel was genomen, brak de 1e wereldoorlog uit.

 

De directie der Artillerie Inrichtingen. Zittend vlnr de heren: Directeur G. Th. van Dam, Directeur; J.H.A. Mijsberg, Directeur; H.M. van Unen, Secretaris; B.J. Top. Staand vlnr. L.L.E. Ornstein,Bedrijfschef Patroonfabriek; J. Jungeling.Bureauchef voor de Technische Zaken; D. Rijnders.bedrijfschef Vuurwerkerij; J.D. Berkhout,Technoloog; N.P.A. du Quesne van Bruchem, waarnemend Bedrijfschef Wapenfabriek; E. Zuidema. Administrateur.

 

Wat is er in die tijd aan de Hembrug gebeurd? Voor het organiseren van de munitieaanmaak met behulp van de particuliere industrie werd het Munitiebureau ingesteld. Later heeft de zorg van dat bureau zich ook over andere zaken dan enkel munitie uitgestrekt. Bij de aanmaak door particulieren werden aanvankelijk opdrachten gegeven aan verschillende fabrikanten. Tenslotte kwam men echter tot geconcentreerde aanmaak, die in een fabriek over het IJ door Belgische fabrikanten van automobielen en met behulp van uit het Oosten van het land overgebrachte werktuigen werd opgezet.  Dit bleek grote voordelen op te leveren. Het benodigde buskruit kon van de fabriek te Muiden worden betrokken. Trotyl werd eerst op kleine schaal uit toluol dat van de gasfabrieken kwam gemaakt.Later werd er een afzonderlijke fabriek gebouwd bij de Hembrug, waar de Bataafsche het maakte uit toluolbenzine.  Deze fabriek bevond zich aan de Amsterdamse zijde van het Noordzeekanaal.

 

Kruitfabriek te Muiden.

 

Behalve artillerieprojectielen werden ook handgranaten in verschillende soorten aangemaakt.Omdat de weermacht die ondertussen was versterkt met de langzamerhand goed geoefende reservetroepen te kunnen bewapenen werd besloten de productie van wapens belangrijk opvoeren. De particuliere industrie hielp om zo snel mogelijk de aan de Hembrug aanwezige werktuigen in een behoorlijk aantal te vermenigvuldigen. Dit ging in een rap tempo omdat zij alleen maar gekopieerd hoefden te worden en er van een groot gedeelte van deze werktuigen al gietmodellen aanwezig waren. Het doel was het zogenaamde wisselbedrijf aan de Hembrug om te vormen in een inrichting waar alle onderdelen van het wapen tegelijkertijd naast elkaar konden worden afgewerkt.

 

Machines bestemd voor fabricage van geweerlopen.Op de voorgrond vier trekbanken waarop de geweerlopen van trekken voorzien worden. Op den voorgrond links: de Bedrijfschef van de Wapenfabriek, D.H.Peereboom Voller. rechts van hem: de Opzichter van de lopenfabricage, M.A. v.d.Ende.

 

De honderden werktuigen die daarvoor nodig waren zijn alle in Nederland gemaakt. Het personeel werd in die tijd sterk uitgebreid naar ongeveer 8500 personen. Een groot probleem tijdens deze oorlog was het verkrijgen van de benodigde materialen. De gewoonlijk gebruikte materialen waren niet te krijgen en men moest zich vaak behelpen met allerlei mindere kwaliteit. Tenslotte zijn zelfs geweren gemaakt van oude rails (het enige staal dat nog in het binnenland in grote hoeveelheden aanwezig was). Telegraafdraad dat eigenlijk bestemd was om prikkeldraad van te maken maar dat toevallig hardbaar bleek werd gebruikt.

 

De voorraad notenhout 1916-1917

 

Ook de inlandse notenbomen werden niet gespaard. Toen het land werd afgezocht bleken er heel wat meer aanwezig dan men aanvankelijk dacht en vielen er duizenden ten offer aan de wapenproductie. Gemiddeld was slechts één op de drie bomen voor het doel geschikt. Al spoedig beschikte men voor de vordering, het rooien en vervoeren van de bomen over zodanig geoefend personeel dat de aanvoer geregeld geschiede. En het kwam slechts zeer zelden voor dat een boom verborgen gebreken vertoonde. ©PDKAIH2017