DE 2e WERELDOORLOG EN DE ARTILLERIE INRICHTINGEN deel 1 van 4

PLANNEN VOOR VERNIETIGING VAN DE ARTILLERIE INRICHTINGEN

Toen aan het einde van de dertiger jaren van de vorige eeuw de dreiging van een 2e wereldoorlog steeds heviger werd, waren er door de Artillerie Inrichtingen in het diepste geheim plannen gemaakt om te voorkomen dat het bedrijf in Duitse handen zou vallen.

De plannen behelsden als eerste de verbranding van alle geclassificeerde documenten, tekeningen etc. Daarna dienden de elektrische installaties en hun schakelborden te worden vernield. Als dat was gebeurd stonden er nog een groot aantal zaken in de lijst die handmatig vernield dienden te worden. Nadat het voorgaande naar behoren was uitgevoerd zou men volgens de plannen een groot aantal zware machines, kranen, transformatorruimtes, stoomhamers, smeedhamers, persen, ketels, vulmachines, gebouwen en munitiemagazijnen opblazen.

WAAROM

Dit rigoureuze ingrijpen was nodig omdat de Artillerie Inrichtingen een Staatsbedrijf waren, wat volgens het Landsoorlogsrecht inhield, dat het bedrijf na een capitulatie met alles erop en eraan in handen van de Duitsers zou vallen.

MEERDERE PLANNEN

Voor deze vernielingen met behulp van explosieven bestonden verschillende versies van de plannen.

Als de munitiemagazijnen werden opgeblazen, had dit zoveel vervolgschade dat andere gebouwen al zo zwaar beschadigd waren dat verdere actie waarschijnlijk niet meer nodig was.
Werden de munitie gebouwen in eerste instantie gespaard. Dan werden eerst alle andere panden opgeblazen. Te beginnen bij het centraal, aan de Hemkade gelegen gebouw nr. 2. Mocht er gezien het feit dat de beslissing voor de uitvoering van de plannen pas zo laat mogelijk zou worden genomen, geen tijd meer zijn om alles op te blazen, dan zouden alleen de machines en hun voorzieningen met kleine springladingen, die geen gevaar konden vormen voor de munitiemagazijnen worden opgeblazen.

STRIKTE REGELS VOOR DE VERNIETIGING MET EXPLOSIEVEN

Voor vernietiging met explosieven waren er strikte regels in het plan opgenomen. Er mocht alleen met tijdontstekers worden gewerkt en ook waren er instructies met betrekking tot het gebruik van de ladingen en de vertragers. Ladingen van 500, 1500 en 18000 gram werden specifiek omschreven.

Bij het gebruik van deze zware explosieven moest er een gebied met een straal van 3 km worden geëvacueerd. Die evacuatie zou in voorkomend geval, de tijd die nodig was om de plannen voor vernietiging uit te voeren flink korter maken. De tijd tussen de verschillende zware explosies diende een kwartier te zijn. Waardoor het geheel volgens het ene plan na 3 uur en het andere plan na 4 uur moest zijn uitgevoerd.

LIJST VAN DE GEBOUWEN DIE VERNIETIGD DIENDEN TE WORDEN

1 Machinefabriek voor lichte werktuigen (gebouwen 20, 40 en 293)

afdeling Gereedschappen aanmaak
afdeling Centrale meetafdeling

2 Machinefabriek voor zware werktuigen (gebouw 320)

3 Wapen en projectielen fabriek (geb. 1, 84)

afdeling Projectielen
afdeling Wapen (onderdelen)

4 Warm bedrijf  (gebouwen 55,72 en 333)

afdeling Modelmakerij
afdeling Machinale vormerij (gieterij)
(gebouw 155)
afdeling Harderij
(gebouw 156)
afdeling Smederij

5 Wapen revisie bedrijf

(gebouwen 151, 290, 366)
afdeling Geschut
(gebouw 309)
afdeling Draagbare wapens

6 Hulzen en kogelfabriek

(gebouw 322)
afdeling Kleine hulzen (7,7 en 9 mm)
(gebouw 284)
afdeling Kleine kogels (7,7 en 9 mm)
(gebouw 269)
afdeling Controle afdeling

(gebouwen 294 en 330)
afdeling Middelbare munitie (12,7; 20; 40 mm)
(gebouwen 29 en 112)
afdeling Grote munitie (>40 mm)

7 Munitiesamenstelling

(gebouw 274)
afdeling Trotyl gieterij
(gebouwen 47,48 en 49)
afdeling Aanmaak slagkwik
(gebouw 45)
afdeling Aanmaak slaghoedjes
(gebouw 511)
afdeling Lichtspoorperserij
gebouw 52)
afdeling Trotyl en tetrylperserij
(gebouw 207)
afdeling Samenstelling grote munitie
(gebouw 24)
afdeling Samenstelling kleine munitie
(gebouw 91)
afdeling Inzetten slaghoedjes
(gebouw 57)
afdeling Samenstellen schokbuizen
(gebouw 272a t/m f)
afdeling Loodazyde

 8 Munitie magazijn

(gebouwen 53, 54, 106, 107, 108, 299, 300 en 301)

9 Centrale magazijn )

(gebouw 14)

10 Bedrijfsdienst

(gebouw 40)
afdeling Compressoren bedrijf
(gebouwen 277,325 en 339) 
afdeling  Transformatoren

11 Laboratorium

(gebouw12)

12 Kade

afdeling Kranen

13 Nieuwbouw c.q. uitbreiding

(gebouw 156)
afdeling Granaten perserij
(gebouwen 308 en 342)
afdeling Projectielendraaierij

14 Leger munitie magazijnen

(gebouwen 701 t/m 705)

15 Werkplaatsen firma Sterel en Wechelaar

(gebouw 313)

NOOIT UITGEVOERD

Op de 14e mei 1940 had de toenmalige directeur Ir. F(ranciscus).Q, den Hollander aan Nederlands hoogste regeringsmacht, de Generaal H(enry). G. Winkelman gevraagd of hij de plannen voor de vernielingen moest uitvoeren. Het antwoord luidde, nee dat mag niet. En zo kwam de bezetter in het ongeschonden bezit van het Staatsbedrijf der Artillerie inrichtingen.

Ir F.G. Jungeling / Kolonel H.G. Winkelman / de brief

ENQUETTE COMMISIE

Na de oorlog werd er een Enquête Commissie in het leven geroepen die o.a. zich bezig hield met militair beleid en gebeurtenissen gedurende ww2

In december 1955 schreef O.J. Siersema, Kolonel van de Generale Staf, in een brief aan de toenmalige directeur van de Artillerie Inrichtingen, Ir. F.G. Jungeling over de vraag die Den Hollander op 14 mei 1940 gesteld had.

“Naar aanleiding van de door Ir. F.Q. Den Hollander voor de Enquête- Commissie afgelegde verklaring (deel 7c/verhoren blz. 632 e.v.) moge ik u het volgende berichten omtrent het tot stand komen van het besluit tot het intact laten van de Artillerie Inrichtingen op 14 mei 1940.
Nadat ik de Heer Den Hollander had ingelicht over het besluit van de O.L.Z.1 om tot capitulatie over te gaan en hij de vraag omtrent het eventueel vernietigen van de fabriek had gesteld, besprak ik deze kwestie met mijn directe chef. Onze opvatting was, dat een dergelijke gewichtige beslissing moest worden genomen door de hoogste autoriteit. Ten gevolge van de vele dringende zaken, die moesten worden geregeld, kon de vraag eerst laat in de avond worden voorgelegd. Er vond toen een overleg plaats; Ik kan mij niet meer precies herinneren, wie daarbij aanwezig zijn geweest. De O.L.Z. besliste uiteindelijk dat de fabriek intact moest blijven, waarop ik de Heer Den Hollander hiervan. telefonisch op de hoogte stelde.

Het besluit werd genomen op grond van twee overwegingen.

1. gelet op het feit, dat in Nederland zelf nog gevochten werd en de Franse, Engelse en Belgische legers in Noord België stonden, mocht de mogelijkheid, dat het getij alsnog zou kunnen keren, niet worden uitgesloten.

2.de capaciteit van de fabriek was in verhouding tot de totale capaciteit, die ter beschikking van de vijand stond gering.

Wellicht kunt u aanleiding vinden, deze brief bij de betreffende dossiers te voegen.”

Bronnen NIMH, Grebbenberg,Archieven.nl ©PDKAIH2019

1O.L.Z. =  Opperbevelhebber van Land en Zeemacht

AI HEMBRUG – HERINNERINGEN UIT DE HAVENBUURT

De havenbuurt te Zaandam is een buurt die grotendeels is gebouwd voor de werknemers van de Artillerie Inrichtingen Hembrug. Het is altijd overigens net als andere gemeenschapjes  uit de Zaanstreek een min of meer gesloten gebied geweest  met zijn eigen regels en gebruiken. Een aantal bewoners heeft zijn / haar belevenissen uit de tijd dat zij er kwamen wonen, woonden en werkten aan het papier toevertrouwd. Deze prachtige boekjes, die een mooi tijdsbeeld vormen uit een voorbije tijd hadden een beperkte oplage en werden voornamelijk door mede Havenezen gekocht of bij diverse gelegenheden geschonken. Sommige van deze boekjes waren alleen voor familieleden bestemd. De rest van Zaandam had er weinig interesse in  of zelfs helemaal geen weet van. Eén van de schrijvers van zo’n boekje was een zoon van een werknemer van de Artillerie Inrichtingen. Het boekje dat hij schreef heet  “Buitenbeentje in het Havenkwartier” en het onderstaande verhaal komt uit het hoofdstuk De Artillerie Inrichtingen Hembrug.

De Artillerie Inrichtingen Hembrug.

De rest van het oorspronkelijk buitendijks gebied waar onze woonwijk op lag werd in beslag genomen door de toenmalige wapenfabriek  A. I. Hembrug die een grote invloed op de woonwijk had.

Oude foto van de Artillerie Inrichtingen genomen vanaf de “nieuwe”Hembrug

Er werd in de loop van ruim honderd jaar een groot industriecomplex gebouwd. Er is nog veel van over zowel van oude als meer recente bouw.

Artillerie Inrichtingen rond 2008

Deze fabriek nam een belangrijk deel van het gebied waarin ook de havenbuurt lag in beslag en er werkten veel mensen ook uit onze buurt. Zo ook mijn vader dus ik moet wel even wat over deze, van oorsprong, wapenfabriek vertellen. 

Rond 1895 werd het eerste deel van het uiteindelijk grote complex daar neergezet als vervanging van een deel van de wapenfabriek in Delft die wel heel ongunstig lag in de bebouwde kom daar.  De vestiging in Zaandam vond plaats op een stuk braak liggend terrein, zogenaamd buitendijks land in de IJ-polder, langs het Noordzeekanaal ver uit de bewoonde wereld en gunstig gelegen aan waterweg en spoorweg. 

*Meer informatie over het hoe en waarom van de verplaatsing vindt u hier.

De beide Hembruggen in 1907

In 1907 werd de eerste, te lage, Hembrug over het Noordzeekanaal die precies naast het fabrieksterrein lag vervangen door de enkele honderden meters verder Westelijk gelegen nieuwe Hembrug en in 1910 (1907) afgebroken. Die nieuwe Hembrug, altijd de grootste draaibrug van Europa genoemd, werd in 1983 ook al weer afgebroken en vervangen door de Hemspoortunnel.

*Meer informatie over deze beide bruggen vindt u hier.

Maar een deel van de eerste oude spoorlijn bleef liggen als aanvoer- en afvoer lijn voor de fabriek en werd gedurende een aantal jaren het speelterrein voor de haven jeugd. In de topjaren werkten er wel 8500 personen in die fabriek maar later fluctueerde dit erg en varieerde van 2000 tot 3500 maar bij de sluiting nog slechts ca. 200. 

Mijn vader ging er in 1939 werken in een periode waarin het personeelsbestand wegens de oorlogsdreiging weer wat opliep. Toen in 1940 de Duitsers binnenvielen was men van plan de fabriek op te blazen maar dat ging toch niet door, misschien was er teveel risico voor de inmiddels aanliggende woonbuurt. De directeur was toen Ir. F. Q. den Hollander, die bleef omdat het personeel dit eiste ondanks zijn oorspronkelijke weigering de productie te hervatten en zijn latere sabotage aan de producten die hij toen gedwongen moest leveren.

*Meer informatie over F.Q. den Hollander vindt u hier.

Het leeg geroofde bedrijf

In 1944 werd de fabriek gesloten en grotendeels werden de machines weg geroofd door de Duitsers maar in 1945 kon de productie dankzij het Marshall Plan toch weer worden opgestart. Deels werden de machines uit Duitsland teruggehaald.

Hoe mijn vader en moeder financieel die tijd zijn doorgekomen heb ik recent nog maar eens bij mijn moeder (91 jaar) nagevraagd. Ze wist zich nog te herinneren dat ze 19 gulden per week ‘’wachtgeld’’ kregen, dat was met 5 gulden huur en 5 gulden vaste lasten geen vetpot. Maar toch hebben ze het gered want er was ook niet veel te koop. 

Na 1945 werkte pa er soms aan landbouwwerktuigen en wat later weer aan munitie. Er werd in 1955 op de plaats van de oude kolenloods van de Marine een patronen fabriek gebouwd langs het Noordzeekanaal, het nu nog bestaande karakteristieke lange witte gebouw. Mijn vader vertelde me dat er een schietbaan onder lag. *(vier stuks waarvan de kortste 25 en de langste 200 mtr (dezelfde lengte als het gebouw)).

Landbouwwagen fabricage / landbouwmachines en kanonnen

In de eerste jaren na de oorlog had hij wat rookbussen mee naar huis genomen en die stak hij op veler verzoek op zondagmorgen wel eens af in onze straat. Dan was de hele buurt enige tijd onder een dikke gekleurde rookdeken bedekt en kon je geen hand voor ogen zien. Af en toe kon hij een handkar vol aanmaakhout krijgen en dan was ik ook weer blij want de mooiste kleine blokjes waren voor mij en ik had op het laatst een kist vol waar je geweldige huizen etc. mee kon bouwen. Ook waren er veel kistdeksels bij en daar bouwden we hutten van op straat afgedekt met jute zakken en oude vloerkleden. 

Diverse soorten speelgoed zoals fietsjes etc. werd voor het Sinterklaasfeest, voor de kinderen van het personeel op de fabriek gemaakt. Eens kreeg ik een metalen tram die nog in elkaar gezet en geverfd moest worden. Een probleem bij deze tram was dat de onderdelen niet zo best pasten dus de tram is nooit afgekomen.

Een door de werknemers van de AI vervaardigde driewieler.

Pa moest af en toe gevaarlijk werk doen en vertelde wel eens over “ bijna ongelukken”  tijdens het werk in ‘’Het Bos’’. Zo werd de explosieven afdeling genoemd die gescheiden van de rest in het bos lag om bij eventuele calamiteiten de eerste klap op te vangen. Hij kwam af en toe thuis met slaghoedjes in de omslag van zijn werkbroek die daar tijdens zijn werk waren ingevallen. Dan deed hij die slaghoedjes in een oude krant en stak die achter buiten aan, wij keken dan vanachter de ramen naar de vuurflits en hoorden de knal.

Waarschuwing!

Hij vertelde ons altijd hoe voorzichtig je met slagkwik moest werken omdat het heel snel ontplofte. Bij het verplaatsen van de kwikpotjes altijd één hand er omheen en de andere er onder. Hij moest ook enige tijd in de trotylgieterij werken en dat was slecht werk. Granaten moesten vol of leeg worden gemaakt. Je haren werden er rood van en de mensen kregen melk te drinken als tegengif. Toch al een begin van ARBO ?

De beroemde onverwoestbare Hemklem.

Toen ik zelf getrouwd was kreeg ik nog een bankschroef van hem de zogenaamde en beroemde Hem-Klem, waarvan afgekeurde exemplaren voor het personeel te koop waren. Er was altijd veel belangstelling voor en ik gebruik hem ook nog altijd. 

In 1973 werd het bedrijf deels opgesplitst in o.a. Eurometaal en verkocht en in 1975 ging pa met pensioen. Hij kreeg bij zijn afscheid een zilveren sigarettendoos, (plus geldbedrag) ondanks dat hij niet rookte. *(Na enkele poetsbeurten bleek de sigarettendoos niet van zilver maar slechts verzilverd te zijn). Ik herinner me nog dat er de laatste dag een paar collega ’s thuis op bezoek kwamen. In 2003 werd echt alle productie er gestopt en vloeiden de laatste 200 werknemers af.

Ik ben later nog een paar keer op het fabrieksterrein geweest, voor een rondleiding met lezingen in de recreatiezaal, om het museum te bezichtigen en voor exposities van schilderijen en ook nog eens voor manifestaties van diverse verenigingen. Het is een geweldig leuk maar erg vervallen terrein met zelfs nog een echt bos erop waar vroeger veel reigers nestelden.

De oude portiersloge bij de hoofd ingang.

De oude ingang van het terrein, wat  zou er ooit nog van gemaakt worden? 

Verhaal ©J.de Jong, Overige, links en foto’s ©PDKAIH2018, Foto driewieler © E.Geijtenbeek