DE ARTILLERIE INRICHTINGEN VAN 1679 TOT 1925 deel 8 van 11.

DE ARTILLERIE INRICHTINGEN VAN 1679 TOT 1925 deel 8 van 11.

De Patroonfabriek

Het hoofdproduct van de patroonfabriek was de geweerpatroon met metalen huls. Deze was nodig geworden bij de invoering van het achterlaadgeweer. De huls diende voor de gasafsluiting tussen loop en slot van het wapen. In Nederland werd deze huls voor het eerst toegepast bij de invoering van het Snider geweer. Bij het betrekkelijk langzame vuur van die dagen en de lage gasdruk was het aanvankelijk mogelijk voor de huls gebruik te maken van het gemakkelijk verwerkbare roodkoper. Later moest om het klemmen van de verschoten huls in de kamer van het wapen te voorkomen worden over gegaan tot het hardere geelkoper of messing (een legering van koper en zink). Dit materiaal bezit, aanvankelijk weinig begrepen lastige eigenschappen. Toen die eenmaal doorgrond waren lukte het hulzen te leveren die onder alle omstandigheden voldeden.

 

Achterlaadgeweer met het Snider systeem. 

 

Het vullen met de buskruitlading gebeurde met automatische werktuigen, die een zeer grote nauwkeurigheid bereikten. De lading werd uit een reservoir in een cilindertje afgemeten en daarna in een bakje gestort. Dit bakje dat op een ronddraaiende tafel aan een balans hing nam een afhankelijk van het gewicht bepaalde stand in. Als het gewicht van de lading te groot was werd het bakje automatisch leeggestort. Als het gewicht te laag was werden er op de drie volgende stations op de tafel steeds enige korrels bijgestort. Als het juiste gewicht was bereikt werd de lading in een huls gestort. Vervolgens werd er een kogel in de huls geplaatst. Daarna werden de samengestelde patronen nog eens stuk voor stuk nagewogen alvorens zij werden goedgekeurd.

 

Het gloeien (harden) van de Nederlandse legerhelm en een gereed product.

 

Behalve de geweerhulzen werden er ook kardoeshulzen voor het geschut gemaakt sinds de mobilisatie tot en met een kaliber van15 cm. Verder hield Patroonfabriek zich bezig met het maken van de verpakkingen zoals de houders en de kartonnen dozen. Later werd er ook lichtspoormunitie vervaardigd. In die tijd kon men de baan van deze munitie ongeveer 500 m volgen. Verder behoorde het maken van helmen eveneens tot de taken van de Patroonfabriek. Een deel van de fabricage van de helmen werd onder toezicht van de Artillerie Inrichtingen bij de Verblifa (Verenigde Blikfabrieken) gemaakt. ©PDKAIH2017